Optimaal profiteren van de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek

Wil je optimaal profiteren van de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek (KIA)? Kijk dan goed of je bepaalde investeringen nog dit jaar kunt doen of dat het slimmer is om ze door te schuiven naar 2026. Het spreiden van investeringen kan je namelijk meer KIA opleveren.

Een paar voorbeelden voor 2025

  • Investeer je tussen € 2.900 en € 70.602, dan krijg je 28% KIA.
  • Investeer je tussen € 70.602 en € 130.744, dan kun je een vast bedrag van € 19.769 claimen.
  • Investeer je tussen € 130.744 en € 392.230, dan neemt het vaste bedrag geleidelijk af.
  • Boven € 392.230 krijg je geen KIA meer.

Tip
Spreiden over twee jaar kan dus voordeliger zijn. Check daarom goed of je het beste dit jaar of volgend jaar kunt investeren.

Zo maak je optimaal gebruik van je lijfrentepremieaftrek

Heb je een pensioentekort? Dan kun je hiervoor een aanvullend inkomen regelen, bijvoorbeeld door bij een verzekeraar een lijfrentepolis te sluiten of bij een bank een lijfrentebankspaarproduct. Sinds begin 2023 zijn de aftrekruimtes in de jaarruimte en de reserveringsruimte aanzienlijk verruimd.

De jaarruimte is nu 30% van je loon of winst uit een onderneming, verminderd met het deel waarover je later AOW ontvangt. De jaarruimte is maximaal €35.798. De maximale reserveringsruimte is verhoogd naar €42.108 en geldt voor onbenutte jaarruimtes van de afgelopen 10 jaar (voorheen 7 jaar). Let op: alleen de lijfrentepremie die je in 2025 daadwerkelijk betaalt, kun je aftrekken in je aangifte inkomstenbelasting 2025 die je volgend jaar indient bij de Belastingdienst.

Heb je inkomen dat wordt belast tegen het toptarief van 49,5% (vanaf €76.817)? Dan mag je de betaalde lijfrentepremie ook aftrekken tegen 49,5%. De aftrekbeperking voor aftrekbare kosten geldt namelijk niet voor lijfrentepremies!

Aftrek vergeten?

Ben je in de afgelopen vijf jaar vergeten om de lijfrentepremie in aftrek te brengen? Vraag dan bij de Belastingdienst om een ambtshalve vermindering. Je moet dan wel kunnen aantonen dat je de lijfrentepremies niet hebt afgetrokken. Dat kun je doen met kopieën van de ingediende aangiften inkomstenbelasting van de afgelopen jaren en de aanslagen over die jaren. Bewaar daarom altijd je oude aangiften en aanslagen.

Laat je beschikking Whk-premie 2026 tijdig controleren

Je ontvangt binnenkort de beschikking gedifferentieerde premie Werkhervattingskas (Whk) 2026 van de Belastingdienst. Het is verstandig om deze goed te (laten) controleren, want het komt regelmatig voor dat een beschikking niet juist wordt vastgesteld. Veel voorkomende fouten zijn onjuiste loonsommen waarop de premie is gebaseerd, foutieve bedragen van aan jou toegerekende uitkeringen van (ex-)werknemers, of het onterecht toerekenen van uitkeringslasten, bijvoorbeeld van werknemers die nooit bij jou hebben gewerkt.

Is de beschikking niet correct? Zorg er dan voor dat je binnen zes weken bezwaar maakt (of laat maken) tegen de beschikking.

Hulp nodig, neem contact met ons op!

Vrije ruimte optimaal benutten blijft nog maatwerk

Het percentage van de vrije ruimte in de werkkostenregeling over de eerste €400.000 fiscale loonsom is dit jaar 2%. Boven de €400.000 is het percentage 1,18%. Controleer of jij de vergoedingen en verstrekkingen die je aan jouw werknemers hebt gegeven op de juiste wijze hebt verwerkt in de werkkostenregeling en of je mogelijk nog ruimte over hebt om deze optimaal te benutten. Je mag vergoedingen en verstrekkingen ten laste van jouw vrije ruimte brengen als het gebruikelijk is dat werknemers deze onbelast krijgen. De Belastingdienst beschouwt vergoedingen en verstrekkingen van maximaal €2.400 per werknemer per jaar als gebruikelijk. Vergoedingen en verstrekkingen van in totaal minder dan €2.400 per werknemer kun je dus onbelast uitkeren vanuit de vrije ruimte

Alternatief bij volle vrije ruimte

Heb je de vrije ruimte al helemaal benut? Dan hoeft de eindheffing niet per definitie duur uit te pakken. Je moet alleen andere keuzes maken. Stel, je bent van plan om jouw werknemers een bonus te geven van €500 bruto, waarvan zij ieder zo’n €250 netto overhouden. Jouw kosten (inclusief werkgeverslasten) bedragen dan ongeveer €600. Wijs je nu de nettobonus van €250 aan in de vrije ruimte, maar is die opgebruikt, dan moet je daarover 80% eindheffing betalen. Jouw kosten zijn dan slechts €450. Toch snel verdiend! Maar je kunt natuurlijk ook het stukje voordeel aan jouw werknemers geven en jouw kosten gelijk houden.

Let op
De tarieven van werknemers verschillen, er kan een cao van toepassing zijn, etc. Het blijft dus maatwerk!

Bijsturen voorkomt dure vennootschapsbelastingrente

Als jouw bv vennootschapsbelasting moet bijbetalen, kan daar 9% belastingrente over worden berekend. Dit kun je voorkomen door tijdig een realistische inschatting te maken van de verschuldigde belasting. Gaat je bedrijf dit jaar beter dan je had verwacht en stijgt de winst? Vraag dan een aanvullende voorlopige aanslag aan.

Hoogte belastingrente ter discussie

Op dit moment lopen er procedures over de hoogte van de belastingrente voor de vennootschapsbelasting. Eén zaak ligt zelfs bij de Hoge Raad. De adviseur van de Hoge Raad vindt de belastingrente te hoog en heeft geadviseerd om deze te verlagen.

Dividend uitkeren in 2025? Let dan op de volgende dingen

Het lage box-2-tarief van 24,5% geldt dit jaar voor de eerste € 67.804 inkomen uit een aanmerkelijk belang per belastingplichtige. Heb je een fiscaal partner? Dan geldt het lage box-2-tarief tot € 135.608 bij een gelijke verdeling tussen jou en jouw partner. Boven € 67.804 inkomen uit een aanmerkelijk belang per belastingplichtige geldt het hoge tarief van 31%. Overweeg je om dit jaar een dividenduitkering te doen? Houd dan ook rekening met de gewijzigde systematiek van de algemene heffingskorting. De afbouw van deze heffingskorting vindt namelijk niet meer alleen plaats over het box-1-inkomen, maar ook over inkomen uit box 2 en box 3. Keer je dividend uit, dan telt dit dus mee voor de afbouw van de algemene heffingskorting en krijgt u dus minder korting.

Bent je AOW-gerechtigd met recht op de ouderenkorting? Dan wordt ook die korting bij een dividenduitkering in 2025 sneller afgebouwd.

Hulp nodig? Wij kijken met je mee!

Voorkom boetes bij schijnzelfstandigheid: lees de regels

Sinds begin dit jaar handhaaft de Belastingdienst weer op schijnzelfstandigheid. Opdrachtgevers kunnen daardoor te maken krijgen met naheffing van loonheffingen in het geval een zelfstandige wordt aangemerkt als werknemer. Er geldt wel een zogenoemde ‘zachte landing’, waarin de Belastingdienst in beginsel start met een bedrijfsbezoek. De Belastingdienst gaat daarbij eerst in gesprek met de opdrachtgever over de inhuur van zzp’ers. Tijdens dit gesprek wordt de opdrachtgever er zo nodig op gewezen aandacht te hebben voor de kwalificatie van de arbeidsrelaties en mogelijke risico’s van schijnzelfstandigheid. De Belastingdienst kan er dan voor kiezen om nog geen boekenonderzoek te starten, waardoor de opdrachtgever dus als het ware eerst wordt gewaarschuwd. Daarnaast worden aan opdrachtgevers en zelfstandigen nog geen verzuim- of vergrijpboetes opgelegd.

Geen verlenging overgangsperiode?

Hoewel de Tweede Kamer daar wel op aandrong, heeft het demissionaire kabinet toch besloten om de overgangsperiode niet te verlengen naar 2026. Verzuim- en vergrijpboetes worden dan dus weer mogelijk. Bij opzet bedraagt de vergrijpboete normaal gesproken 50% van de opzettelijk niet aangegeven loonheffing. Bij grove schuld is dat 25%. Nu de samenstelling van de Tweede Kamer na de verkiezingen is gewijzigd, is de kans aanwezig dat deze beslissing nog wordt teruggedraaid. Daarover zal een nieuw kabinet moeten beslissen. Dat nieuwe kabinet zal er echter waarschijnlijk niet voor de jaarwisseling zijn.

Actiepunt

Goedgekeurde lopende modelovereenkomsten worden nog geëerbiedigd tot eind 2029. Dit betekent dat opdrachtgevers nog tot 2030 gevrijwaard zijn van naheffing van loon­heffingen als ze daadwerkelijk werken volgens de modelovereenkomst.